Vileine Architecten

06-02-2013 | door :
categorie: Architectuur
tags:
Ron Tolido

Eerlijk gezegd was ik vast van plan om op dit podium niet eens één keer over architectuur te schrijven. Er wordt namelijk teveel over architectuur gepraat en geschreven, en te weinig gedaan. Dat hokt maar bij elkaar op congressen om te discussiëren over wanneer je nu wel of niet architect bent, wat de waarde is van architectuur en wat de beste architectuurmethode is. Volstrekt onschuldig, dat wel (de buitenwereld draait ondertussen onverstoorbaar door), maar je zou toch graag wat meer resultaten zien uit de hoek van Enterprise en IT Architectuur.

Echte architecten, (van die lui die gebouwen, complexen of complete wijken uit de grond stampen) die discussiëren ook heel wat. En dat gaat op het vileine af. Maar altijd over architecturen, niet over architectuur of architecten. Ziet u het verschil? De Friese architect Bako Barendsma heeft een geheel glazen kantoorpand in de polder neergezet in de vorm van een omgekeerde molen en zijn Rotterdamse collega Jack de Ridder spuugt erop: waarom glas, dat weerkaatst het harde polderlicht maar, waarom geen voorziening voor toekomstige liften in de diagonaal lopende toegangspoorten, waarom geen maatvoering die een vloeiende geheel vormt met de dijken op de achtergrond: ja, wat ging er eigenlijk door het hoofd van Barendsma toen hij dit gedrocht ontwierp? En hoe kreeg hij de opdrachtgevers zo ver dat ze, nog half snikkend, hun handtekening onder het contract zetten?

Het gaat er vaak stevig aan toe, onder echte architecten. De testosteron zit op alle muren, alsof je in een wielrennersploeg zit. Maar de discussie gaat altijd over concrete visies, ontwerpen en resultaten. Een van de klassieke boeken in het vakgebied is A Pattern Language van Christopher Alexander. Dat gaat niet over methodes of frameworks om methodes te duiden maar over architecturen. Hoe zet je een woonwijk in elkaar, een stadion, een bibliotheek, een stadspark, een slaapkamer, een stoel, een deurknop? Wat werkt wel, wat werkt niet? Wat is mooi, wat is lelijk? Wat is kwalitatief hoogstaand, wat rammelt?

Je kunt het met de visie van Alexander eens zijn (die zich overigens interessant genoeg door het denken van software engineers liet inspireren) of niet, maar het spitst zich altijd toe op echte concepten, blauwdrukken en patronen. Een kenmerk van volwassenheid.

Mag ik daarom ook voor ons eigen vakgebied hopen op meer Vileine Architecten in de nabije toekomst? Architecten die met elkaar de strijd durven aan te gaan over hun werk en resultaten: niet over methodes, meta-methodes, tools en meta-tools. Architecten die durven te discussiëren over hoe een architectuur voor een snel expanderend bedrijf eruit moet zien, of voor een krimpende overheidsorganisatie, of voor een bedrijf dat twee keer maand een acquisitie uitvoert, of voor een bedrijf dat de klant centraal wil stellen. Wat werkt wel, wat werkt niet? Wat heeft hoge kwaliteit? Wat is mooi?

De omgekeerde molens van de IT: we kunnen het er niet genoeg over hebben.

 

5 reacties

  • 08-02-2013 | door : Henri Koppen

    Mea Culpa

    Als ik eerlijk ben schrijf ik ook veel over de modellen en niet over uitgevoerde exemplaren van modellen, ofwel het echte wat bestaat. Door je artikel ben ik me af gaan vragen, waarom niet? En deze dingen kwamen bij mij boven:

    - Een gebouw kun je zien, door onder andere virtualisatie kun je de IT architectuur fundamenteel NIET zien. Anders dan een plaatje van de architectuur, and we all know “all models are wrong, some are useful”
    - Van architectuur op IT niveau zie je uiteindelijk alleen de front-end van een applicatie. Dit is zoals je alleen de top van de ijsberg boven water ziet.
    - Architectuur is vaak een concurrentie voordeel, met andere woorden, bedrijven lopen er niet mee te koop. Laatst had ik een prachtige cloud adoptie te pakken… Ik mag er alleen niet over praten en al zeker niet over de inhoud.

    Maar goed, het is voor mij wel een leermoment om het vaker over een opgeleverde en werkende architectuur te praten en niet over een theoretisch model. Waarvoor dank.

  • 07-02-2013 | door : Hans Fossen

    Dag Ron,

    Uitstekende oproep aan de architecten om meer te praten over de resultaten van hun werk in plaats van over het waarom van het vak en hoe belangrijk het wel is.

    Ik ben van mening dat architecten meer moeten deelnemen in projecten. In een project leer je daadwerkelijk dienstbaar te zijn aan de business. Als je het goed doet gaat de business de waarde van architectuur ook (nog) meer inzien. Je helpt ook de business door het project inhoudelijk tot een succes te maken.

    De business is niet gek en ziet ook dat er veel, heel veel, onderling gediscussieerd wordt over het vak. Kostbare tijd en energie gaat zo verloren.

    Natuurlijk horen deze discussies bij een jong vak, maar mijn idee is dat de architecten een beetje langdradig zijn. Want enkele blog’s terug las ik dezelfde discussies als tien jaar terug.

  • 06-02-2013 | door : Ron Tolido

    Meinte,

    Alexander liet zich inspireren door typische structuren uit software engineering, zoals nesting en recursie. Voor patterns was het toentertijd inderdaad nog te vroeg.

  • 06-02-2013 | door : Hans

    Het is voor de hand liggend om bij een verhaal over architecten te refereren naar huizenontwerpers en dan vooral de excentrieke buitenkant, de user-interaction, van een gebouw als onderwerp te kiezen. Natuurlijk maakt het uit hoe iets er uit ziet maar net als bij software hebben gebouwen ook een binnenkant en die draagt alle functies. Het aardige is dat vooruitstrevende architecten, die trouwens vaak Nederlands zijn, al heel lang nadenken over het meest moeilijke onderwerp in de fysieke wereld, aanpasbaarheid. Daar hebben ze mooie oplossingen voor bedacht maar het grappige is dat die vrijwel nooit worden toegepast zodat we eindeloos gebouwen blijven slopen om weer opnieuw te kunnen beginnen. Ik neem aan dat je parallel met de software-architecten wel ziet. De grote vraag blijft waarom mensen de soms duizenden jaren bestaande ervaring van hun voorouders aan hun laars lappen.

  • 06-02-2013 | door : Meinte Boersma

    Software engineers hebben zich door Alexander laten inspireren; niet andersom. De GoF design patterns zijn sterk geënt op Alexander’s patterns die dan ook van behoorlijk wat eerder zijn.

    Ik vond het ook wel opmerkelijk dat ten tijde van de diverse crises van de afgelopen jaren de architecten (en dan m.n. de subset daarvan die vaak de A0-printers plachten te gebruiken) het eerst op de bank zaten en daar ook weer het laatst vanaf kwamen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *


*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>