Home Innovatie & Strategie Zijn we er al? – 4 ESB implementatie tips

Zijn we er al? – 4 ESB implementatie tips

5
ESB

Je schaft een ESB (Enterprise Service Bus) aan omdat je ‘m nodig hebt. Je configureert een ESB omdat ie anders niet werkt. Maar dat wil niet zeggen dat iedere ESB implementatie ook echt slaagt. Tijdens de opstartfase zijn er 1001 dingen die het effect van die oh-zo-zorgvuldig-geselecteerde ESB kunnen saboteren. Het is dus meteen opletten geblazen. Tegelijkertijd is deze beginfase ook een hele leuke. Want als je je werk nu goed doet, kun je de komende jaren vooruit met een flexibele, schaalbare en perfect werkende integratietool. Hoe je dat voor elkaar krijgt? Begin eens met dit blog, waarin ik 4 simpele ESB implementatie tips toelicht.

#1. Denk aan het grotere plaatje

Gefeliciteerd! Je bent de trotse eigenaar van een ESB. Dat betekent dat je eindelijk kunt meepraten als je vakgenoten het thema “systeemintegratie” aansnijden. Voor je het weet, geniet je van de vele voordelen van soepele data-uitwisseling en het hergebruik van gegevens. Maar voordat je iets doet (wat dan ook!) raad ik je aan om naar het grotere plaatje te kijken. Je hebt een ESB aangeschaft om applicaties te koppelen. Maar waarom eigenlijk? Wat zijn je doelen, en hoe wil je dat de ESB je helpt die te halen? Wees je er van bewust dat een ESB een tool is en geen oplossing. Dit betekent dat je een gedetailleerd plan moet hebben om integratie te laten slagen. Dat plan kan niemand voor je maken behalve jij. Als je producten levert via een webshop zal je bijvoorbeeld een andere strategie moeten volgen dan een overheidsorganisatie met vijftig locaties in twaalf provincies. Praat daarom met software architecten, developers en eindgebruikers (allemaal sleutelfiguren). En stel een lijst samen van alle connecties die je wilt gaan maken.

#2. Kijk uit voor integratie overkill

Al die nieuwe opties en technische hoogstandjes die je met een ESB in huis haalt, doen je IT-hart harder slaan. Als je ook maar een beetje op mij lijkt, wil je alles wat los en vast zit integreren. Van je HR-systeem tot het koffiezetapparaat in de kantine. Maar wacht heel even. Als ik je één tip zou mogen geven, is het: don’t overdo integration. Dat klinkt wat gek uit de mond van de oprichter van een software-integratie bedrijf, maar laat het me uitleggen. Er is niets mis met het uitsluiten van een aantal applicaties, als deze maar één doel hebben dat niet om integratie vraagt. Het uitsluiten van applicaties helpt je overzicht houden op je software architectuur. En het helpt je ook besparen op onderhoud. Bovendien verlicht het de druk op de zogeheten single point of failure (lees: je ESB). Nu we het toch over overkill hebben: doe het ook rustig aan met logs. Natuurlijk wil je weten of een bericht is aangekomen aan de andere kant, maar je hoeft niet in de gaten te houden of het ook de ESB heeft verlaten. Een bericht is aangekomen of niet. Zo simpel is het.

#3. Doe wat met je apparatuur

Aan de andere kant krijg je ook te maken met applicaties die je wel wilt maar niet kunt koppelen. Veel systemen zijn immers niet gebouwd om gegevens uit te wisselen. Dat betekent dat je extra tools nodig hebt om integratie alsnog mogelijk te maken. Als het goed is, wist je dit van tevoren en heb je je nieuwe integratietool gecheckt op support opties (bijvoorbeeld voor webservices). Zo heeft onze eigen softwarepartner WSO2 een range aan producten die je kunt toevoegen aan hun ESB om cloud services aan legacy software te koppelen. Of in normale mensentaal: producten om niet-communicerende apparaten in staat te stellen om gegevens uit te wisselen. WSO2 DSS helpt je bijvoorbeeld om je verschillende databases te integreren en analyseren. Op deze manier kun je praktisch alles binnen je organisatie aan elkaar knopen. Zelfs je koffiemachine, ook al is dat niet aan te raden.

#4. Monitor alsof je leven ervan afhangt

De implementatie van je ESB heeft een einddatum. Dit is de dag waarop alles op z’n plek zit en je kunt gaan genieten van alles wat je ontwikkeld hebt. Tegelijkertijd luidt deze dag een nieuwe en belangrijke periode in. Eentje die jaren gaat duren. Eenmaal geïmplementeerd moet een ESB immers gemonitord worden. Berichten moeten worden geanalyseerd en fouten gerepareerd of zelfs voorkomen. Daarom raad ik je aan om een team van developers samen te stellen die deze taak op zich nemen. Zij zorgen er niet alleen voor dat de ESB werkt zoals het hoort. Ze kunnen tevens een dashboard samenstellen zodat niet-technische werknemers kunnen meekijken. Op dit dashboard toon je het aantal transacties. Het aantal dat gelukt en mislukt is. Het aantal API aanvragen en een overzicht van je interne datastromen. Plan geregeld meetings met iedereen die ook maar iets met de ESB te maken heeft, verzamel feedback over wat er beter kan en beantwoord vragen. Op deze manier houd je zowel de prestaties van je ESB als die van de gebruikers ervan in de gaten.

Recap

Als je het mij vraagt, kom je een heel eind met bovenstaande tips. Zolang je het grotere plaatje in je achterhoofd houdt en nutteloze koppelingen weglaat. Als je essentiële koppelingen mogelijk maakt en de ESB en zijn gebruikers blijft monitoren in de toekomst, ben je er waarschijnlijk gewoon klaar voor. Succes!

Heb jij ervaringen met de implementatie van een ESB? Ik lees graag je reactie!

Benieuwd welke ESB jouw perfecte match is? Download onze white paper “ESB Selection Guide” en vergelijk de verschillende aanbieders.

Ruben van der Zwan, CEO & Founder van Yenlo

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here