Home Klantcases
  • Sectoren

  • Categorie

  • Klantnaam

Klantcases

Zorginstelling Oktober bouwt Digitale Snelweg met Cisco Meraki

0
Zorginstelling Oktober bouwt Digitale Snelweg met Cisco Meraki

Oktober, de nieuwe naam voor Regionale Stichting Zorgcentra de Kempen (RSZK), werkt digitaal waar het mogelijk is. Om dit te realiseren  hanteert de organisatie het Meerjarenbeleidsplan 2017 – 2020 “Thuis kan overal”. De centrale rol wordt vervuld door de Digitale Snelweg, een Cisco Meraki-platform dat alle huidige en toekomstige digitale hulpmiddelen voor cliënten en medewerkers verbindt. De digitalisering bij Oktober moet bovendien de nodige data opleveren, die met behulp van AI worden geanalyseerd. Met de resultaten kan de organisatie de zorgprocessen verbeteren en vergemakkelijken. Van de negen woonzorglocaties zijn er nu drie aangesloten op de Digitale Snelweg, die naar verwachting in 2020 klaar is.

Oktober is een ouderenzorgorganisatie in de Kempen, Veldhoven en Waalre. Met 1850 medewerkers en 975 vrijwilligers biedt de organisatie in deze regio een breed scala aan zorg- en dienstverlening. De zorgorganisatie beschikt over negen woonzorglocaties, een dagbestedingslocatie, revalidatiecentra en een hospice. Tot de diensten behoren dagbesteding, thuiszorg, huishoudelijke hulp en welzijnsdiensten.

Thuis kan overal

Al enige tijd is Oktober bezig met het vervangen van de oude domotica door een innovatieve, digitale omgeving die voorbereid is op de toekomst. Hiervoor heeft de organisatie het Meerjarenbeleidsplan 2017 – 2020 “Thuis kan overal” opgesteld. Het plan behelst een digitale transformatie waarbij domotica volledig geïntegreerd wordt in een data-infrastructuur. De infrastructuur moet onder meer geschikt zijn voor internet of things (IoT) toepassingen. Uiteindelijk moet de nieuwe omgeving, door Oktober de Digitale Snelweg gedoopt, helemaal voorbereid zijn op nieuwe, maar nog onbekende ontwikkelingen in de zorgprocessen. Hoewel er nog hard aan deze snelweg wordt gebouwd, heeft Oktober nu al duidelijk zicht op de resultaten.

Jaap Veerhoek, adviseur informatietechnologie van de raad van bestuur bij Oktober: “De organisatie wil op vier gebieden een transformatie doormaken: van aanbodgericht naar klant bepaalt; van taakgericht naar de medewerker onderneemt, van ‘focus op zorg en wonen’ naar ‘slim wonen ontzorgt’ en van ‘gericht op eigen organisatie’ naar ‘vernieuwend samenwerken’. Digitalisering speelt daarbij een essentiële rol. We hebben gekeken naar digitale ontwikkelingen op het gebied van domotica, zorgalarmering en telefonie. Dat was ook dringend nodig om een andere reden, want wat we hadden op dat gebied was allemaal verouderd. Ons technologiebeleid is nu dat we alles uit de cloud en mobiel willen doen, tenzij het niet kan.”

Keuze voor Cisco Meraki

Oktober heeft gekozen voor de hospitality-oplossing van Cisco Meraki, die ook digitale tv ondersteunt. Het is een veilige oplossing die geleverd is via IT-leverancier en hoofdaannemer Simac en vanuit de cloud kan worden beheerd. Veerhoek: “Cisco heeft ons erg geholpen met de lease-overeenkomst voor Meraki. We betalen 0% rente en in maandelijkse termijnen. We hebben alles samen met Simac geïmplementeerd, in overleg met technici van Cisco. En wat de financiële impact betreft zal de Digitale Snelweg in elk geval niet duurder zijn dan de traditionele oplossingen. Als alles is afgerond, zal het waarschijnlijk goedkoper zijn dan het oude systeem. Door o.a. wifi en Bluetooth Low energy (BLE) in te zetten hebben we veel kunnen besparen omdat er  veel minder bekabeling nodig is. Alle diensten gaan over de digitale snelweg.”

De enige bekabeling die er nog is, loopt vanaf het access point in de kamer van de bewoner naar een camera en naar de tv. De streaming van beelden loopt dus via een bekabeld netwerk. Dit maakt bijvoorbeeld fysiotherapie op afstand mogelijk, interactief via video en camera in de kamer van een bewoner. De bandbreedte is ten opzichte van de oude situatie meer dan verdubbeld.

Nauwkeurige plaatsbepaling

Jaap Veerhoek: “We wilden ons draadloze netwerk in één keer goed regelen en voerden daarom eerst gesprekken met verschillende wifi-leveranciers. Onze eisen waren een maximaal bereik en het moest mogelijk zijn om de plaats van devices tot op 1 meter nauwkeurig te bepalen. Dat kan met Cisco Meraki en we zijn in gesprek met Cisco om de plaatsbepaling te verfijnen. Momenteel verversen we de locatie van het device eenmaal per minuut. Graag zouden we dit nog sneller zien om de zorgafnemer – uiteraard na toestemming – te volgen. Ons uiteindelijk doel is om het  eenmaal per seconde verversen en we zijn in gesprek met Cisco of dit mogelijk is.”

Ook voorziet de Cisco-oplossing in de ondersteuning van Bluetooth, bijvoorbeeld voor de connectie met een elektronisch deurslot. Zo kan op afstand geregeld worden dat de deur alleen opengaat voor bevoegden. Ook het ouderwetse trekkoord voor alarmering hoeft niet meer, dit loopt nu via de Digitale Snelweg. Er zijn ook pasjes beschikbaar voor mantelzorgers die nu direct naar binnen kunnen bij degene waar zij voor zorgen.

Artificial intelligence in de ouderenzorg

De Digitale Snelweg levert ook zeer veel data op die na analyse met AI-technologie betere inzichten geven in de zorgprocessen. Denk aan een analyse van de stemming van een cliënt en aan een grafische weergave van domotica-meldingen die direct inzicht geeft in wat de melding betekent. De zorgmedewerkers kunnen dan veel sneller en doelgerichter in actie komen wat de veiligheid en de zorg voor de cliënten ten goede komt. Met de oude domotica kregen de medewerkers tot wel 2500 meldingen per nacht, waarvan zeker 80 procent loze meldingen waren. Dat aantal is afgenomen tot 300 serieuze meldingen per nacht, soms zelfs niet meer dan 100. Dat betekent dus ook dat medewerkers veel minder onnodig in actie komen en cliënten zodoende niet onnodig ’s nachts storen. De medewerkerstevredenheid nam flink toe. Dankzij de analyse bleken bepaalde meldingen niet zinvol te zijn en die worden er nu uitgefilterd.

Jaap Veerhoek: “Een dergelijke aanpak ben ik in de sector nog niet eerder tegengekomen. In de zorg staat AI echt nog in de kinderschoenen, en al helemaal in de ouderenzorg. Als we helemaal gedigitaliseerd zijn roept dat misschien de vraag op wat er gebeurt als de stroom uitvalt. Ons uitgangpunt is dat onze zorg altijd moet kunnen doorgaan. Deuren met elektronisch slot kunnen ook op een andere manier open. In noodgevallen schakelen we direct meer mensen in, zij vangen het op als er iets misgaat. En dat was vroeger, in de oude situatie, ook zo.”

Veel belangstelling

Inmiddels geeft Oktober bij andere zorginstellingen presentaties over de Digitale Snelweg. Niet alleen aan Raden van Toezicht en directieleden, maar ook aan zorgmedewerkers. Veerhoek zoekt ook actief naar andere instellingen om ervaringen met digitalisering uit te wisselen en te leren hoe zij zorginnovaties breder kunnen inzetten. Er loopt een subsidieaanvraag voor de uitbreiding van de Digitale Snelweg. Die loopt nu intramuraal, maar het plan is om de Digitale Snelweg door te trekken naar de woningen van mensen die zorg nodig hebben. Zij hoeven dan niet naar een zorginstelling en kunnen thuis blijven wonen. Dan maakt Oktober ‘Thuis kan overal’ werkelijkheid. Ook Cisco speelt een rol in dit proces, want de huidige oplossing van Cisco is ook mogelijk met 4G en te zijner tijd 5G.

Volvo Nederland kiest voor ontzorging in de Tectrade Power Cloud

0
Volvo Nederland kiest voor ontzorging in de Tectrade Power Cloud

Doordat het huidige IBM Powersysteem was afgeschreven en de Disaster & Recovery omgeving van Volvo Nederland niet meer voldeed kwam de dealerorganisatie voor de keuze te staan om te investeren in nieuwe systemen of te kiezen voor een Managed Cloud oplossing.

Over de dealerorganisatie van Volvo Nederland:

Medio 2004 heeft Volvo Nederland ervoor gekozen om de volledige dealer automatisering te verzelfstandigen, hieruit is BeesdA2 ontstaan. De Nederlandse Volvo Dealers draaiden indertijd decentraal op AS/400 systemen. Ruim vijf jaar geleden is er gekozen voor een centraal systeem.

BeesdA2 draagt zorg voor het gehele Dealer Management Systeem en alle IT diensten voor de 25 Volvo dealereigenaren met in het totaal zo’n 100 vestigingen in Nederland en nog een vijftal erkende reparateurs.

Jaarlijks verwerkt de dealerorganisatie van Volvo Nederland in het systeem zo’n 18.000 nieuwe auto’s, alle onderhoudsbeurten, occasions, facturen en transacties.

De uitvraag en het migratietraject

‘De keuze voor hosting was vrij snel gemaakt’ aldus Tjeu Bollen, sinds 1993 werkzaam als ICT-manager bij Volvo Cars Nederland en inmiddels directeur van BeesdA2.

‘Onze oude machine was afgeschreven waardoor we ook geen support meer hadden en bovendien voldeed de Disaster Recovery omgeving niet meer aan de vraag van de business’.

Tjeu had al eerder kennisgemaakt met de mensen van Tectrade maar kon op dat moment nog met zijn huidige systemen en leverancier(s) vooruit. Wel hebben beide partijen regelmatig contact gehouden. Tectrade is altijd interesse blijven tonen in de ontwikkelingen van Volvo waardoor Tectrade, naast twee andere partijen, gevraagd werd om mee te doen bij de uitvraag naar een hosting oplossing.

De uiteindelijke keuze is op Tectrade gevallen vanwege het positieve totaalplaatje, het goede gevoel, het kennisniveau en de oprechtheid van de medewerkers. Bovendien liet het voorstel van Tectrade de beste prijs-kwaliteitverhouding zien. De directeur van de dealer coörporatie, Jos Schier, had net als Tjeu ook een goed gevoel bij Tectrade. ‘Tectrade is groot genoeg, maar niet te groot om onbereikbaar te zijn’.

Alles is daarna snel gegaan. Het projectteam schakelde uitstekend met elkaar en al snel werden op de zaterdagavonden en zondagen nieuwe dealerorganisaties overgezet naar de Power Cloud omgeving van Tectrade.

Het gehele migratietraject verliep vlekkeloos. Het mooiste compliment, aldus Tjeu, is dat er een aantal dealers na het weekend informeerden of het uitroltraject niet door was gegaan omdat alles nog gewoon werkte en ze verder niets gemerkt hadden van de migratie.

Opbouw Power Cloud omgeving

De Tectrade Power Cloud is gerealiseerd over twee Tier3++ datacenters in Nederland en werkt met de laatste IBM Power9 technologie. Virtualisatie vindt plaats op basis van PowerVM. De Power9 technologie maakt het mogelijk om op efficiënte wijze de IBM i omgeving van Volvo Nederland te hosten.

De Power Cloud beschikt over high-end IBM-storage op basis van Flash (SSD) die via de virtualisatie laag wordt ontsloten aan de IBM Power9 omgeving. Voor backup en disaster recovery is gekozen voor een disk-based virtual tape library (VTL). Zowel storage als VTL wordt gerepliceerd naar het secundaire datacenter.

Volledige ontzorging met Tectrade’s managed services

Volvo Nederland koos voor volledige ontzorging middels Tectrade‘s PowerAssist dienst. Ook op dit vlak werkt de samenwerking uitstekend. Tjeu: ‘Het zijn stuk voor stuk fijne mensen om mee samen te werken, ze denken echt met ons mee. De monitoring tool helpt enorm, we krijgen soms bijna te veel meldingen bij wijze van spreken. Zo krijgen we zelfs een melding in de Tool ‘als we de papierlade van de printer moeten vullen’ ?.

Disaster Recovery oplossing

De oude DR-oplossing van VOLVO voldeed niet meer en daarom is in het contract opgenomen dat we de omgeving regelmatig testen. ‘We hebben nu al twee keer een beperkte test gedaan en dat is tot nu toe perfect gegaan. Er staat ook al een complete uitwijktest voor de gehele organisatie gepland zodat we zeker weten dat alles goed werkt.

OS Upgrade

Omdat we nog met 7.2 als OS werken staat ook hiervoor een upgrade gepland. We hebben besloten direct naar 7.4 te gaan. De voorbereidingen hiervoor zijn al in volle gang!’ Ook hierbij is Tectrade intensief betrokken. We zijn enorm tevreden over de door Tectrade geleverde dienstverlening.

Wilt u meer weten over deze case en/of bent u geïnteresseerd in de mogelijkheden voor uw organisatie? Neem contact op met Tectrade: Tel. 0345-547040 of mail naar info@tectrade.nl.

 

HousingAnywhere blijft groeien, mede dankzij Stripe

0
HousingAnywhere blijft groeien, mede dankzij Stripe

In 2009 de Nederlandse student Niels Van Deuren als uitwisselingsstudent een semester naar Singapore. Maar daarbij stuitte hij op een probleem: wat moest hij gedurende die tijd doen met zijn eigen studentenkamer in Rotterdam? Nederlandse studenten waren niet geïnteresseerd in het huren van een kamer voor slechts één semester; die wilden een kamer voor minstens een studiejaar of nog liever: voor de hele studietijd. Tegelijkertijd wist Van Deuren dat er veel internationale studenten op zoek waren naar een betaalbare tijdelijke kamer in Rotterdam, waar weer weinig aanbod voor was. Zo is het idee voor HousingAnywhere geboren. Van Deuren bouwde een platform waar hij en zijn medestudenten tijdelijk hun kamers konden verhuren aan binnenkomende internationale studenten.

Nu bijna 10 jaar later, is HousingAnywhere uitgegroeid tot een internationaal fenomeen die studenten in meer dan 500 steden in meer dan 50 verschillende landen over de hele wereld helpt bij het aanbieden en vinden van tijdelijke woonruimte. Jaarlijks wordt het platform door 5 miljoen geïnteresseerden bezocht. Particulieren en commerciële verhuurders kunnen kamers gratis aanbieden. HousingAnywhere verzorgt de financiële afhandeling. Voor een vlekkeloze verwerking van de betalingen in al die landen en in tal van verschillende valuta heeft HousingAnywhere de online betaaldienst Stripe gekozen.

Goede keuze

Bij de start van het platform stond Van Deuren voor dezelfde uitdagingen als andere starters bij het opzetten van een nieuwe onderneming. Zijn online dienst en het bijbehorende platform moesten ontwikkeld en uitgebreid worden, er moesten investeerders en partners gevonden worden en hij moest mensen hebben met de nodige kennis om het platform daadwerkelijk te bouwen. Het benodigde startkapitaal werd al snel gevonden en universiteiten waren de eerste partners, die hun studenten via HousingAnywhere hielpen aan de benodigde woonruimte. Gedurende de eerste vijf jaar handelde het platform de financiën niet zelf af, maar ontving het betalingen van de universiteiten waarmee zij samenwerkten. Om uit te kunnen breiden buiten de universitaire wereld en ook om samenwerkingen aan te gaan met particuliere aanbieders van woonruimte, moest het platform echter in staat zijn om direct betalingen te verwerken. Daarvoor ging HousingAnywhere op zoek naar een goede partner. Maar de eerste ervaringen op dat gebied waren niet positief. Van Deuren: “De eerste betalingsverwerker waar wij mee samenwerkten, bood ons niet de flexibiliteit en de integratiemogelijkheden die wij nodig hadden. Na extra marktonderzoek kwamen we terecht bij Stripe en dat is een goede keuze gebleken”.

Makkelijke integratie

Met behulp van de oplossing Stripe Elements konden de ontwikkelaars van HousingAnywhere in minder dan een week de benodigde betalingsfunctionaliteit integreren in het platform. Dit was mogelijk dankzij Stripe’s complete en makkelijk te gebruiken API en de uitstekende documentatie. Vragen van het ontwikkelteam werden snel opgelost door de supportafdeling van Stripe.

“Ik vind het prettig dat Stirpe Elements gewoon werkt zoals het hoort”, zegt Marin Bolanča, Product Owner bij HousingAnywhere. “Het werken met Stripe heeft de productiviteit van onze ontwikkelaars zeker verhoogd, waardoor we in staat waren om de door ons gewenste betalingsmogelijkheden veel sneller te integreren dan mogelijk was met andere leveranciers. Daarnaast biedt Stripe ook functies die andere providers niet hebben, zoals een makkelijke te gebruiken en goed gedocumenteerde API. Verder is het flexibel, eenvoudig te integreren en makkelijk aan te passen aan onze wensen.”

Van Deuren vult aan: ‘’Voor ons wereldwijde bedrijf is het een groot pluspunt dat Stripe in de meeste landen en valuta’s betalingen ondersteunt in lokaal geprefereerde betaalmethoden. Zij zijn voor ons de beste betalingspartner om ons internationale groeitraject voort te zetten.’’

Verdere groei

HousingAnywhere blijft intussen groeien. Om die groei te ondersteunen onderzoekt het platform de mogelijkheden van Stripe Connect, de betaaloplossing van Stripe voor online marktplaatsen en platforms. “Daarmee wordt het afhandelen van betalingen van meerdere huurders aan meerdere verhuurders vergemakkelijkt. Dit betekent dat wij zo min mogelijk werk hebben aan de betalingsverwerking. Ook zorgt Stripe ervoor dat de bepalingen in de nieuwe Europese betalingsverordening PSD2 wordt nageleefd, zodat dat we daar zelf niet op hoeven te letten”, concludeert Van Deuren.

Zwarte Cross-bezoekers kunnen zorgeloos streamen

0
Zwarte Cross-bezoekers kunnen zorgeloos streamen

22 jaar geleden organiseerde de band Jovink in de Voederbietels de eerste Zwarte Cross: gewoon gezellig crossen in vaak absurde voertuigen, muziek en bier erbij en klaar was kees. De editie van 2018 trok 220.000 mensen en vond plaats op een 160 hectare groot terrein. Wifi is een randvoorwaarde, al is het maar omdat zonder wifi het telefoonnetwerk onmiddellijk plat zou gaan en de organisatie nooit een vergunning zou krijgen. Een kijkje achter de schermen met de ICT-manager van De Feestfabriek, de organisator van de Zwarte Cross.

Maurice Haafs is in het dagelijks leven ICT-manager bij ADP. Daarnaast is hij al vanaf het begin verantwoordelijk voor de IT bij de Feestfabriek. “In de beginjaren stelde dat niet zoveel voor, maar toen we richting de 50.000 bezoekers gingen, konden we niet meer bellen. We hebben weliswaar antennes van alle grote telefonieproviders op ons terrein, maar dat was niet voldoende. We ontkwamen er niet aan om het dataverkeer te offloaden via wifi”, vertelt hij.

Dat was niet alleen een geste aan de bezoekers. “Het was een voorwaarde die politie, brandweer en ambulancediensten stelden. De veiligheid is natuurlijk in het geding als medewerkers en bezoekers onderling niet kunnen communiceren bij een calamiteit.”

End-to-end digitalisering

De wifi op het terrein dient twee hoofddoelen. Uiteraard is het een service aan bezoekers, die dankzij de wifi vrijuit hun foto’s en video’s kunnen uploaden en zo het thuisfront kunnen laten meegenieten. En natuurlijk ook data kunnen downloaden. “Vorig jaar was iedereen op zondag de verrichtingen van Max Verstappen aan het volgen, dit jaar streamden mensen de halve finale en finale van het WK voetbal’, vertelt Haafs.

Daarnaast zorgt wifi voor end-to-end digitalisering van processen zoals de ticketcontrole, de bevoorrading van de verkooppunten en de personeelsadministratie. “In tegenstelling tot de andere festivals doen wij alles in eigen beheer, van de ticketverkoop tot de catering. Er werken 44.000 mensen, waarvan 9.000 betaalde krachten en de rest vrijwilligers. Ze hebben allemaal een polsbandje dat we scannen zodra ze met hun werk beginnen. Zo weten wij precies waar iedereen is en hoeveel uren ze werken. De betaalde krachten hebben binnen anderhalve week hun salaris op hun rekening staan.” Ook de logistiek van food & drinks is end-to-end geautomatiseerd. Haafs: “We scannen alles en weten daardoor precies hoeveel voorraad er nog op de verkooppunten is en wanneer we wat moeten aanvullen.”

Foto: Jessie Kamp

Onvoorspelbaar gedrag

Dergelijke voorzieningen zijn er ook bij andere evenementen, bijvoorbeeld stadionconcerten. Maar bij het automatiseren van een event op zo’n groot buitenterrein komen heel andere uitdagingen kijken, weet Patrick Groot Nuelend, solutions architect bij Extreme Networks, de leverancier van de wifi. “In een stadion weet je precies wat je wanneer kunt verwachten. Je weet ook precies hoeveel mensen er in welk vak staan. Daar kun je een planning op maken. Bij een festivalterrein van 160 hectare en een vier dagen durend festival kun je veel minder voorspellingen maken. Mensen lopen continu rond, je kunt niet vooraf berekenen hoeveel capaciteit je wanneer op welke locaties nodig hebt. Bovendien vindt de Zwarte Cross slechts een keer per jaar plaats. Dat betekent dat je pas volgend jaar wat kunt doen met de lessen van dit jaar. Maar volgend jaar ziet het festival er anders uit, en dus zijn ook die lessen maar van beperkte waarde. Je ziet hooguit het aantal verstuurde terabytes aan data ieder jaar groeien, in drie jaar tijd van 3 TB naar bijna 6 TB dit jaar.”

Netwerkarchitectuur

De backbone van het netwerk bestaat uit een glasvezelkabel die onder de straat loopt die het terrein zo ongeveer door midden splitst. Die verbinding kent enkele aftappunten. Daarnaast is er nog een tijdelijke glasvezelring van 10 kilometer. Beide zijn rechtstreeks aangesloten op de Internet Exchange in Arnhem en Amsterdam. Daarnaast is er nog een straalverbinding, die op het festivalterrein als back-up dient maar op de camping de hoofdverbinding is. Haafs: “Als je op de camping glas uit de grond laat komen, moet je maar afwachten hoe lang de apparatuur er staat. Daar nemen we geen risico mee.”

Het volledige terrein wordt afgedekt door hotspots die op glasvezel of de straalverbinding zijn aangesloten en via een mesh verbinding in contact staan met elkaar. Ieder hotspot telt zeven access points, die allemaal ongeveer 100 meter ver kunnen stralen. “In principe kan de apparatuur verder stralen, maar telefoons hebben geen groter bereik. En het signaal moet ook weer terugkomen”, zegt Haafs. Op plekken waar veel mensen samenkomen, zoals de megatent en de main stage, is gekozen voor een high density oplossing. Het totale terrein wordt gecoverd door circa 200 access points, die allemaal 256 gelijktijdige gebruikers kunnen faciliteren.

Het netwerk is tot op zekere hoogte self healing. Uiteraard wordt het daarnaast continu gemonitord door een team dat overdag en ’s avonds uit zestien mensen bestaat, ’s nachts uit drie. Ze zijn gehuisvest in een container. Het scherm dat de netwerkconfiguratie weergeeft wordt op een witte muur geprojecteerd. Alle calamiteiten lichten op als rode puntjes. “Kijk, hier staat een switch in de volle zon. Hij is nu 61 graden. We weten dat hij eruit klapt bij 71 graden, dus daar moeten we snel wat schaduw creëren”, zegt Haafs.

Geen pay-per-use

Deze extreme omstandigheden zijn een van de redenen waarom De Feestfabriek alle apparatuur zelf aanschaft en niet kiest voor een clouddienst met pay per use. “Er is geen enkele leverancier die dat tegen een aantrekkelijke prijs wil doen, want de omstandigheden waarin we de apparatuur inzetten zijn niet bepaald ‘garantiewaardig’.” De editie van 2018 gaat de boeken in als extreem heet en stoffig. Maar de Zwarte Cross heeft ook natte edities gekend en zelfs een extreme valwind tijdens de opbouw enkele jaren geleden, waarbij enkele brommers zo hoog werden opgeworpen dat ze in de boom hingen.

Foto: Matthijs Mekking

Het IT-team onder leiding van Haafs moet de editie van 2018 nog analyseren. “Technisch is alles goed verlopen, maar we nemen in onze analyse ook de ervaringen van de mysterie guests mee. Het komt wel eens voor dat het netwerk goed lijkt te functioneren, maar gebruikers toch een slechte dekking ervaren. Het gaat erom dat we de gebruikers de ruimte geven die ze nodig hebben, zonder te knijpen. Want de beleving van een festival wordt vandaag de dag ook bepaald door de beleving van de wifi.”

Tekst: Mirjam Hulsebos
Bovenste foto: Bart Heemskerk

Nieuw portfolioplatform voor Honoursprogramma Gymnasia

0
Nieuw portfolioplatform voor Honoursprogramma Gymnasia

Winvision ontwikkelde samen met Stichting het Zelfstandig Gymnasium het op Office 365 gebaseerde portfolioplatform, ter ondersteuning van een honoursprogramma waar leerlingen aan kunnen deelnemen

Leerlingen van zelfstandige gymnasia, die aangesloten zijn bij Stichting het Zelfstandig Gymnasium (SHZG), kunnen deelnemen aan een honoursprogramma. De competenties die de leerlingen tijdens het programma ontwikkelen, kunnen ze sinds kort onderbouwen op een digitaal portfolio. Winvision ontwikkelde samen met SHZG het op Office 365 gebaseerde platform. Eind januari is het portfolioplatform gepresenteerd en inmiddels maken de gymnasiasten er al flink gebruik van.

Klik op de PDF voor de volledige klantcase

 

 

MEE West-Brabant verbetert primair zorgproces door nieuw registratiesysteem

0
MEE West-Brabant verbetert primair zorgproces door nieuw registratiesysteem

Zorgorganisaties hebben minder budget om betere zorg te verlenen. Dat betekent dat er efficiënter gewerkt moet worden. Voor zorgorganisatie MEE West-Brabant was deze ontwikkeling aanleiding om hun verouderde registratiesysteem te vervangen. MEE West-Brabant stapte over van Navision naar Microsoft Dynamics CRM. Het systeem werd in samenwerking met Winvision geïmplementeerd en ingericht en inmiddels plukken organisatie en medewerkers de vruchten van de implementatie van het nieuwe platform.

Klik op de PDF voor de volledige klantcase

 

 

Medewerkers Drenthe College nu ook over op Office 365-portaal

0
Medewerkers Drenthe College nu ook over op Office 365-portaal

Sinds de start van het schooljaar 2016/2017 is het nieuwe Office 365 medewerkersportaal van Drenthe College live. Studenten hadden al eerder een digitale leeromgeving in de cloud. Nu ook de medewerkers zijn overgestapt, heeft het Drenthe College één homogene cloud-omgeving op basis van Office 365.

Klik op de PDF voor de volledige klantcase

 

Havenbedrijf Amsterdam op weg naar een ‘digitale haven in een digitale wereld’

0
Havenbedrijf Amsterdam op weg naar een ‘digitale haven in een digitale wereld’

Onlangs maakte Havenbedrijf Amsterdam – samen met Ictivity – een volledige overstap naar de cloud. Een stap die niet alleen resulteert in meer flexibiliteit en meer schaalbaarheid. Dit legt de basis voor ontwikkelingen zoals Big Data en IoT en maakt daarmee de organisatie toekomstbestendig.

Het eigen datacenter van Havenbedrijf Amsterdam was aan vervanging toe. Dit werd gezien als het moment om naar de toekomst te kijken. “We wilden het datacenter niet meer in huis hebben”, aldus John Engels, hoofd IT Operatie. “Tegelijk zijn we bezig met zaken als Big Data en IoT. Denk aan drones die surveilleren in de haven, of sensoren op meerpalen die aangeven wanneer ze aan vervanging toe zijn. Of slimme kades, die registreren wanneer een schip gelost is en het volgende schip kan aanmeren. Het leidt tot meer efficiency en minder uitstoot en vervuiling. Voorwaarde voor deze nieuwe ontwikkelingen is dat je snel kunt schakelen. Met onze stap naar de cloud kunnen we veel beter faciliteren, sneller acteren. We hebben een grote stap gezet om als haven te kunnen digitaliseren. En groeien.”

Circa 380 mensen telt Havenbedrijf Amsterdam. De organisatie kent een commerciële en een publieke tak. De publieke tak, de Divisie Havenmeester, richt zich op veiligheid in en om het water en bedient de sluizen in IJmuiden, een 24-uurs dienst. De commerciële tak faciliteert om de haven zo aantrekkelijk mogelijk te maken. Denk aan optimalisatie van de dienstverlening en het vestigingsklimaat voor bedrijven in de havenregio. Daarbij richten we ons op bestaande klanten, het aantrekken van nieuwe ladingstromen en vestigingen, en op marketing en promotie. Daarnaast behoort aanleg en onderhoud van de infrastructuur tot de taken. Dit kan variëren van het plaatsen van sensoren op de parkeerplaats die vrachtwagenchauffeurs helpen snel een goede plek te vinden, tot de aanleg van fietspaden.

U moet ingelogd zijn om deze pagina te bekijken.
Registreer

Nederlandse aardappelindustrie aan vooravond van techrevolutie

0
Nederlandse aardappelindustrie aan vooravond van techrevolutie

Nederlandse aardappelbranche moet veel meer inzetten op moderne technologieën zoals sensoren, machine learning en big data. De groeiende wereldpopulatie schreeuwt om een slimme benadering van onze voedselvoorziening, waarbij aardappelen een essentiële rol kunnen spelen. Die oproep deden technologiebedrijven SAP Nederland en itelligence tijdens het brainstormevent ‘De toekomst van de aardappel’. Zij willen met de gehele branche gezamenlijk nadenken over en toewerken naar een duurzamere en efficiëntere Nederlandse aardappelsector.

De aardappel heeft een enorme potentie als basisvoeding voor een alsmaar groeiende wereldbevolking. Het gewas vereist minder (zoet) water, heeft een hogere calorische waarde en bevat meer voedingsstoffen dan zijn belangrijkste concurrent: rijst. Ten opzichte van de voedingswaarde is de belasting voor de natuur bijzonder laag. Welkome eigenschappen voor het duurzaam voeden van miljarden monden.

Subsidie vanuit EU

De noodzaak voor innovatie in de aardappelketen is ook in de politiek doorgedrongen. Zo heeft de Europese Unie onlangs 2 miljoen euro subsidie beschikbaar gesteld aan een innovatieproject in Nederland dat de supplychain voor de ’hybride aardappel’ ontwikkelt. Dat zijn gekruiste rassen die over veel minder negatieve eigenschappen beschikken dan reguliere aardappelen.

Consumptie in de lift

Nederland is nu nog een relatief sterke speler op de internationale aardappelmarkt. Die rol kan het in de toekomst verstevigen, want wereldwijd zit de aardappelconsumptie in de lift. Volgens voorspellingen stijgt de huidige wereldproductie van 380 miljoen ton naar 500 miljoen ton in 2050.

Efficiënt, duurzaam en meetbaar

“We hebben nu nog een sterke rol op het wereldtoneel, maar opkomende economieën zetten flink in op innovaties en moderne technologie”,aldus Marcel Pothof, Director Food & Agriculture bij itelligence. Het bedrijf levert technologische oplossingen voor onder andere de aardappelsector. “Als we moderne technologie niet omarmen, worden we links en rechts ingehaald.”

Wil Nederland blijven bijdragen aan de aardappelvoorziening in de toekomst en zijn sterke rol behouden in de wereldwijde aardappelmarkt, dan zijn volgens Pothof een aantal maatregelen nodig:

  1. Zadentechnologie en zadenexport een kans geven

De Nederlandse aardappelketen profiteert met name van de export van pootaardappelen. Nederland heeft hierin een wereldwijd marktaandeel van 60 procent. De pootaardappel krijgt echter concurrentie uit eigen land.

Het Wageningse Solynta ontwikkelde namelijk een manier om aardappel razendsnel te veredelen. Deze manier levert veel betere rassen op die, doordat ze in de vorm van zaadjes beschikbaar zijn in plaats van bederfelijke pootgoed knollen, ook heel snel, goedkoop en milieuvriendelijk over de hele wereld te exporteren zijn. Voor het planten van een hectare aardappels heb je slechts 25 gram zaadjes nodig in plaats van 2500 kilo pootgoedknollen.

“Nederland kan een leidende rol pakken in de export door naast de pootaardappel ook zadentechnologie een kans te geven. Zowel voor de export, als voor de optimalisatie van rassen voor binnenlands gebruik”, zegt Pothof. “We moeten voor ieder land de juiste rassen ontwikkelen. Zo blijven we concurrerende landen voor, voordat zij met onze veredelingstechnologie aan de haal gaan.”

  1. Supplychain beter afstemmen op moderne consument

Moderne consumenten zijn veeleisend. Ze hebben enerzijds een hang naar kwaliteit, authenticiteit, duurzaamheid en gezondheid. Ze willen weten waar het eten op hun bord vandaan komt en welke weg het heeft afgelegd. Anderzijds willen ze in toenemend mate zelf bepalen waar ze wat eten en moet gemak voorop staan.

Dat vraagt het uiterste van de gehele supplychain. Die moet enorm snel en efficiënt opereren en tegelijkertijd de gevraagde transparantie bieden. Moderne technologie kan hierbij helpen. Bijvoorbeeld door consumentengedrag inzichtelijk en voorspelbaar te maken. Maar ook door de ketens in de supplychain beter op elkaar te laten aansluiten, zodat de weg tussen de grond en het bord korter wordt.

Ook kan technologie zorgen voor transparantie. Pothof: “Dankzij track-and-tracingsystemen kun je als leverancier inzichtelijk maken waar de aardappel vandaan komt en welke weg deze heeft afgelegd. Informatie waar de moderne consument behoefte aan heeft.”

  1. Precision farming toepassen

Nederland is beslist geen land met haast onbeperkte hoeveelheden landbouwgrond. Willen we internationaal competitief blijven en tegelijkertijd de ecologische footprint zo laag mogelijk houden, dan moeten we iedere vierkante meter optimaal benutten.

“Precision farming biedt hier uitkomst”, aldus Pothof. “Sensoren, satellietbeelden en landbouwmachines kunnen iedere vierkante meter akker en ieder gewas nauwkeurig analyseren. Zo kun je die akker optimaal inrichten, met steeds de juiste aardappel en de juiste bemesting op het juiste stukje grond. Hier liggen belangrijke kansen voor de Nederlandse aardappelindustrie.”

Basis voor betere wereld

Volgens Patrick Van Deven, Managing Director van SAP Nederland, is dan ook nu het juiste moment om flink te moderniseren. “Met de technologie van vandaag kunnen we onze aardappelsector klaarmaken voor de dag van morgen. De gehele Nederlandse aardappelketen kan een bijdrage leveren aan het bestrijden van honger en aan een duurzamere wereldwijde voedselvoorziening. Die betere wereld begint bij onszelf. Hier in Nederland kunnen we voorop lopen en daarvoor samen met de gehele keten de basis leggen. Maar dan moeten we wel in actie komen.

‘Ook in de Volvo Ocean Race is de eindgebruiker heilig’

0
‘Ook in de Volvo Ocean Race is de eindgebruiker heilig’

Terugblik op Biometric Edge-project van SAP en AkzoNobel

In de Volvo Ocean Race gebruiken alle teams dezelfde boot. De bemanning maakt dus het verschil. Hoe haal je onder extreme omstandigheden het maximale uit de mens? En welke rol kan technologie hierin spelen? Dit vraagstuk was het startpunt voor het Biometric Edge-project van SAP en AkzoNobel. Een bijzonder innovatietraject volgde. “Je projectvloer vaart telkens weg.” 

Na een uitputtingsslag van ruim acht maanden zit de Volvo Ocean Race 2017-2018 erop. Tijdens de race ging de aandacht logischerwijs uit naar de zeilers, maar achter de schermen bij team AkzoNobel werd ook een topprestatie geleverd. Experts van SAP en AkzoNobel werkten maandenlang aan het Biometric Edge-project. Doel van dit innovatietraject was om biometrische gegevens van de zeilers te verzamelen en die data vervolgens te vertalen naar bruikbare inzichten.

Zo werkt Biometric Edge

Negen bemanningsleden van team AkzoNobel droegen speciale horloges met een optische hartslagmeter die de hartslag continu monitort, en daarmee ook de hoeveelheid slaap en het calorieverbruik registreert. De biometrische gegevens mogen de boot niet verlaten tijdens de race. De data-analyse en interpretatie moesten dus aan boord plaatsvinden. Hiervoor werd SAP Leonardo IoT Edge gebruikt. Deze technologie kan de sensordata zonder internetverbinding verwerken en opslaan.

De data werden benedendeks automatisch gesynchroniseerd met een Raspberry Pi. De bemanningsleden konden hun gegevens bekijken in een overzichtelijke interface en daar acties aan koppelen. “Zodra de boot in een haven kwam, zetten we de data over naar het SAP Cloud Platform”, legt initiatiefnemer en architect Paul Eringfeld van SAP uit. “Daar deden we de diepere analyses. De resultaten en verbeterde datamodellen werden voor de start van de volgende race weer naar de boot gestuurd, zodat de schipper altijd weet hoe de bemanning ervoor staat.”

Betere besluiten nemen

Simeon Tienpont, de schipper van team AkzoNobel, was een groot voorstander van het project. Eringfeld: “Het idee ontstond tijdens een gezamenlijke design-thinkingsessie in oktober 2016. Simeon zei: de boten zijn gelijk, het verschil zit in de bemanning. Als jullie me kunnen helpen de bemanning beter te monitoren – qua performance, slaap, eten en drinken – zou dat zeer welkom zijn. Dan kan ik betere besluiten nemen. Dat idee vormde het uitgangspunt voor de ontwikkeling.”

In februari 2017 sloten Fokko Kip en David Röell zich aan bij het Biometric Edge-project. “Eigenlijk was het geen samenwerking, maar echt een team”, zegt Kip, die namens AkzoNobel vanuit de IT-kant bij het project betrokken was. “In het begin was het vooral uitzoekwerk. Hoe gaan we het opzetten? Ook zijn we naar Göteborg geweest om het management van de Volvo Ocean Race ervan te overtuigen dat deze oplossing binnen het ‘one-design’ concept past en een prachtige aanvulling daarop is.”

Voordelen voor de crew

“Onze focus lag eerst op de basics”, vertelt Röell, die de rol van projectmanager vervulde voor SAP. “Deze race gaat om hele kleine percentages. Als je kijkt naar de totale racetijd is het verschil tussen de nummer 1 en 2 nog geen half procent. De kleinste details kunnen het verschil maken tussen winnen en verliezen. De zeilers zeggen zelf: we kennen de boot en weten hoe we deze moeten zeilen. Maar hoe goed kennen we onszelf? Hoe reageren onze lichamen op de extreme omstandigheden?”

“Die spiegel hebben we ze voorgehouden. De zeilers konden niet alleen zichzelf beter in de gaten houden, maar ook het team. Als iemand moe was en wilde slapen, dan stelde een ander bijvoorbeeld dat hij eerst moest eten, en maakte hij een extra maaltijd voor zijn maatje. Ook hebben we gezien dat iemand na een wachtdienst een klus op de boot wilde doen. Het team zei toen tegen hem: je moet nu slapen, want je staat straks weer aan het roer. Wij nemen die klus wel over. Het team ging zo de krachten beter verdelen. Dat was mooi om te zien.”

Zo zijn er nog veel meer subtiele verbeteringen doorgevoerd. “We zagen ook dat de zeilers minder slaap krijgen tegen het einde van de race. En als ze dan slapen hebben ze een hogere hartslag, dus slapen ze minder goed. Ryan West, de fysioloog van team AkzoNobel, vertaalde dat naar een aangepaste samenstelling van de voeding. Aan het einde zijn we met weermodellen de calorieverbranding en slaappatronen gaan voorspellen. De data maken dan een betere planning mogelijk.”

Uitdagingen

Een ambitieus project als dit kent vrijwel altijd de nodige hobbels. “Het contact met de zeilers was in het begin wel een uitdaging”, blikt Kip terug. “Simeon was enthousiast en een aantal jonge mensen aan boord vonden het ook interessant. Maar de oudere bemanningsleden waren wat gereserveerder.” Röell begrijpt dat overigens wel. “Het is lastig om mensen die al zes keer de Ocean Race hebben gevaren ervan te overtuigen dat ze hiermee beter kunnen presteren. Wij zijn immers geen zeilers.”

Het eerste prototype werd dan ook niet geaccepteerd. Röell: “Het kwam erop neer dat we zes weken voor de start van de race nog een nieuwe oplossing moesten ontwikkelen. Die hebben we toen heel rap gebouwd en in de tweede etappe al kunnen gebruiken.” De logistiek ging ook niet altijd even soepel. “Je projectvloer vaart telkens weg. En af en toe moet je spullen laten invliegen en blijft de bestelling twee weken hangen bij de douane. Tegen de tijd dat die spullen vrij worden gegeven, is de boot alweer weg.”

Röell benadrukt dat de extreme omstandigheden een uitdaging op zich waren. “We moesten aan zoveel eisen voldoen. De apparatuur mag niet te zwaar zijn en niet te veel energie gebruiken, want dan moet er ook meer brandstof mee en dat is extra gewicht. Daar is het eerste prototype onder andere op gesneuveld. Ook moet de oplossing bestand zijn tegen zon, zee, zout, hitte, kou en impactschade. Uiteindelijk konden we tevreden vaststellen dat de wearables en de SAP-oplossing heel zijn gebleven.”

Lessons learned

De drie zijn erg blij met het eindresultaat. Kunnen andere experts nog iets leren van dit innovatieproject? “Begin zo vroeg mogelijk. Het is essentieel om snel draagvlak te creëren”, zegt Röell. “Zo’n oplossing werkt alleen als je een datamodel hebt en daarvoor zijn data nodig. Maar als de zeilers er niet in geloven, heb je geen data. Dan zit je met een prachtige technische oplossing waar je niks mee kunt.” Eringfeld: “De eindgebruiker is heilig. Die moet de waarde van een oplossing inzien.”

Volgens Röell is voor die acceptatie vooral belangrijk dat de oplossing ‘hassle-free’ is. “De zeilers willen een minimale investering met een maximaal rendement. Wij moesten dus telkens kijken: hoe vragen we heel weinig van de bemanning en geven we iets terug? En dan komt het geloof, waardoor je telkens een stukje verder kunt bouwen.” West, de fysioloog van team AkzoNobel, speelde een cruciale rol in dit proces. Eringfeld: “Hij is de ‘linking pin’ geworden die de terugkoppeling verzorgde tussen ons en de bemanning.”

Potentie voor de toekomst

Wat de drie heren betreft, krijgt het Biometric Edge-project een vervolg. “Deze technologie zou je ook bij andere intensieve sportevenementen kunnen inzetten”, zegt Röell. “En misschien zelfs in een medische context voor bijvoorbeeld migrainepatiënten of mensen met stress-gerelateerde reuma. Specifiek in de zeilsport zouden we de menselijke performance willen verbinden aan de bootperformance. Wie vaart het beste bij harde en zachte wind? Wie vaart het beste ’s nachts? Wie is het beste aan het roer en wanneer geef je die persoon rust?”

“Hadden we technologisch nog meer willen doen? Absoluut, en we hebben ook nog allerlei ideeën”, besluit Eringfeld. “Maar uiteindelijk moeten we ook reëel zijn. Dit was het maximaal haalbare resultaat binnen het gestelde tijdvak.” Kip is het daar hartgrondig mee eens. “Het was een zeer plezierige en bijzondere samenwerking waarin we veel bereikt hebben.”

Klantcases